Lijngoten (ook wel afvoergoten, draingoten of lijnafwateringssystemen genoemd) zijn smalle, langwerpige afvoersystemen die water gecontroleerd afvoeren op plekken als bedrijventerreinen, wegen, parkeerterreinen, luchthavens en productieomgevingen. De belangrijkste keuzefactoren zijn de belastingsklasse volgens EN 1433 (van A15 voor voetgangersgebieden tot F900 voor luchthavens en containerterminals) en het materiaal: RVS voor hygiënische omgevingen zoals de levensmiddelenindustrie, polymeerbeton of gewapend beton voor zware verkeersbelasting, en zelfdragende systemen voor snelle plaatsing zonder aparte fundering. DWTN levert RVS afvoergoten, betonnen afvoergoten, zelfdragende afvoergoten type I en betonnen verholen goten.
Een lijngoot (ook wel afvoergoot, draingoot of lijnafwateringssysteem genoemd) is een smal, langwerpig kanaal dat regenwater of proceswater over de volledige lengte opvangt en gecontroleerd afvoert. Welke lijngoot geschikt is, hangt vooral af van twee dingen: de belastingsklasse volgens EN 1433 (van A15 voor voetgangersgebieden tot F900 voor luchthavens) en het materiaal, zoals RVS voor hygiënische omgevingen of beton voor zware verkeersbelasting. DWTN levert RVS-, betonnen en zelfdragende lijngoten voor industrie, infrastructuur en particulier gebruik.

Wat is een lijngoot precies?

Een lijngoot vangt water over de volle lengte van het kanaal op, in plaats van op één punt zoals bij een kolk of afvoerput. Daardoor voert een lijngoot grote hoeveelheden water sneller af, wat belangrijk is op plekken waar water zich snel kan ophopen: bedrijventerreinen, wegen, parkeerterreinen en productiehallen. In de praktijk kom je verschillende namen tegen voor hetzelfde principe: lijngoot, afvoergoot, draingoot en lijnafwateringssysteem worden vaak door elkaar gebruikt. Er zit wel een nuanceverschil tussen de uitvoeringen: een roostergoot heeft een zichtbaar rooster boven het kanaal, een sleufgoot heeft alleen een smalle sleuf en het gootlichaam zit verder verborgen onder de bestrating, en een verholen goot is volledig onder het maaiveld weggewerkt met alleen een dekplaat zichtbaar.

Welke belastingsklasse heb je nodig?

De belastingsklasse (ook wel verkeersklasse genoemd) is de belangrijkste keuzefactor bij een lijngoot voor industrie of infrastructuur. Deze klassen zijn vastgelegd in de Europese norm EN 1433 en worden uitgedrukt in kiloNewton (kN):

  • A15 — voetgangers- en fietsgebieden
  • B125 — pleinen, opritten en parkeerterreinen met personenauto's
  • C250 — winkelstraten en algemene parkeerterreinen
  • D400 — wegen met hoge verkeersintensiteit en zwaar beladen vrachtwagens
  • E600 — industrieterreinen, havens en dokken
  • F900 — luchthavens, containerterminals en gebieden met extreme wieldruk
Let op: een te lichte belastingsklasse leidt op termijn tot scheuren, verzakking of doorbuiging van de goot. Bij twijfel over de verwachte belasting (heftrucks, vrachtwagens, laad- en losverkeer) is het verstandig een hogere klasse te kiezen dan strikt noodzakelijk lijkt.

RVS, beton of zelfdragend: welk materiaal kies je?

Naast de belastingsklasse bepaalt het materiaal grotendeels of een lijngoot geschikt is voor jouw toepassing:

  • RVS (roestvrij staal) is de eerste keuze in hygiënisch kritische omgevingen zoals de levensmiddelenindustrie, horeca en gezondheidszorg. RVS is corrosiebestendig, eenvoudig schoon te maken en bestand tegen agressieve reinigingsmiddelen.
  • Beton (vaak gewapend of als polymeerbeton) is duurzaam en kosteneffectief bij zware, langdurige verkeersbelasting, zoals op bedrijventerreinen en wegen.
  • Zelfdragende systemen hebben geen aparte betonnen fundering nodig en zijn direct belastbaar na plaatsing, wat de installatietijd flink verkort. Dit type is met name geschikt voor projecten waar snelheid van aanleg belangrijk is, zoals wegwerkzaamheden met beperkte stremmingstijd.

Het DWTN-assortiment lijngoten

DWTN levert vier hoofdcategorieën lijngoten, elk met een eigen toepassingsgebied:

  • RVS afvoergoten — roostergoten en sleufgoten in RVS, verkrijgbaar in meerdere breedtes, voor hygiënische en corrosiegevoelige omgevingen
  • Betonnen afvoergoten — roostergoten in de MINI-, TOP- en MAXI-lijnen, geschikt voor uiteenlopende verkeersklassen
  • Zelfdragende afvoergoten type I — onder meer de HYDROblock- en HYDROline-lijn, tot belastingsklasse F900, zonder aparte fundering te plaatsen
  • Betonnen verholen goten — nagenoeg onzichtbaar in de bestrating, voor projecten waar een strak straatbeeld belangrijk is

Twijfel je welke lijn bij jouw project past? Lees ook waarom lijngoten cruciaal zijn voor de afwatering van wegen en bruggen, of bekijk waarom de HYDROblock-afvoergoot specifiek geschikt is voor zwaar vrachtverkeer.

Toepassingen per sector

Lijngoten worden in vrijwel elke sector toegepast, maar de eisen verschillen sterk. In de levensmiddelenindustrie staat hygiëne voorop en is RVS vaak verplicht. Bij tankstations en wasstraten moet de goot bestand zijn tegen olie- en reinigingsresten, vaak in combinatie met een afscheider. Op distributiecentra, havens en luchthavens gaat het vooral om een hoge belastingsklasse voor zwaar transportmaterieel. En bij openbare ruimtes en infrastructuur spelen zowel belasting als uitstraling (bijvoorbeeld een verholen goot) een rol.

Installatie en onderhoud

De meeste lijngoten zijn modulair opgebouwd: de gootdelen worden aan elkaar gekoppeld en aangesloten op de riolering via een zij- of onderuitloop. Bij zelfdragende systemen is geen aparte betonfundering nodig, wat de plaatsing versnelt. Voor het onderhoud gelden een paar vaste aandachtspunten:

  • Verwijder regelmatig vuil, slib of productieresten om verstopping te voorkomen
  • Controleer na zware regenval of bij intensief gebruik op slijtage aan rooster en gootlichaam
  • Gebruik bij industriële toepassingen een zandvanger om grof vuil af te vangen voordat het de riolering bereikt

Twijfel je welke lijngoot bij jouw project past?

DWTN denkt mee over de juiste belastingsklasse en het juiste materiaal, ook bij maatwerk.

Neem contact op

Veelgestelde vragen over lijngoten

Wat is het verschil tussen een lijngoot, afvoergoot en draingoot?

Dit zijn in de praktijk drie namen voor hetzelfde principe: een langwerpig kanaal dat water over de volle lengte opvangt en afvoert. Het verschil zit vooral in de uitvoering: een roostergoot heeft een zichtbaar rooster, een sleufgoot heeft alleen een smalle sleuf zichtbaar, en een verholen goot ligt volledig onder het maaiveld.

Welke belastingsklasse heb ik nodig voor mijn lijngoot?

Dat hangt af van de verwachte belasting: A15 volstaat voor voetgangersgebieden, B125 voor personenauto's, C250 voor winkelstraten en parkeerterreinen, D400 voor zwaar wegverkeer, E600 voor industrieterreinen en havens, en F900 voor luchthavens en containerterminals. Kies bij twijfel liever een klasse hoger.

Welk materiaal is het beste: RVS, beton of kunststof?

RVS is de beste keuze in hygiënisch kritische omgevingen zoals de levensmiddelenindustrie, omdat het corrosiebestendig en eenvoudig schoon te maken is. Beton is kosteneffectief bij zware, langdurige verkeersbelasting. Kunststof lijngoten worden vooral bij lichtere, particuliere toepassingen gebruikt.

Wat is het verschil tussen een instortgoot en een zelfdragende lijngoot?

Een instortgoot wordt in een betonnen fundering gestort en ontleent daar zijn sterkte aan. Een zelfdragende lijngoot heeft die aparte fundering niet nodig en is direct na plaatsing belastbaar, wat de installatietijd aanzienlijk verkort.

Hoe onderhoud je een lijngoot?

Verwijder regelmatig vuil en slib, controleer na zware regenval of intensief gebruik op slijtage, en gebruik bij industriële toepassingen een zandvanger om grof vuil af te vangen voordat het de riolering bereikt.